Om de Omgevingswet te implementeren moeten er heel veel wijzigingen komen in huidige procedures en moeten er een hele hoop extra documenten worden aangeleverd. De overheid hoopt de Omgevingswet in te kunnen voeren met behulp van een zestal instrumenten.
- Omgevingsvisie
- Programma’s
- Decentrale regels
- Algemene Rijksregels
- Omgevingsvergunning
- Projectbesluiten
Wat dit allemaal inhoudt wordt hieronder toegelicht.
Omgevingsvisies
Het rijk, de provincies en de gemeente zijn verplicht om voor bepaalde stukken grond (leefomgeving) aan te geven wat zij daar mee willen doen. Elk van deze organen moet dus voor stukken land, een langetermijnvisie opstellen over waar het land voor gebruikt moet gaan worden. Als er dus wordt bepaald dat de visie, met betrekking tot het gebruik van een stuk grond, het bouwen van huizen zal zijn, dan zal daar dus geen winkelcentrum mogen worden geplaatst. Voor zowel de overheid als de provincies is het verplicht om hun omgevingsvisies vóór 2024 aangeleverd te hebben. De gemeentes mogen er tot 2025 over doen.
Programma’s
Een langetermijnvisie is erg handig, maar zonder concrete strategieën zal er niet veel gebeuren. Om die reden moeten er ook verplicht programma’s worden opgesteld om de doelen uit de omgevingsvisie te realiseren. In deze programma’s staat o.a. beschreven wat de benodigde middelen zijn om een doel te bereiken, en bovendien ook op welke manier die ingezet dienen te worden. Hierbij moet wel rekening worden gehouden met de ontwikkeling, beheer, het gebruik, de bescherming en het behoud van de specifieke fysieke leefomgeving.
Decentrale regels
De 26 samengebundelde wetten zijn nationaal geldende wetten. Er zijn echter ook veel lokale regels met betrekking tot de fysieke leefomgeving, wat gebeurd er dan met deze? Gaan deze nu weg? Nee, dat is niet het geval. Deze regels worden namelijk meegenomen in de Omgevingswet en zullen vallen onder de naam “Decentrale regels”. Deze decentrale regels, samen met al bestaande lokale verordeningen, zullen samen het zogeheten “Omgevingsplan” vormen. Dit omgevingsplan is een samenbundeling van de al bestaande bestemmingsplannen, Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en lokale verordeningen voor de fysieke leefomgeving.
Algemene Rijksregels
Er bestaat al een aantal algemene Rijksregels voor activiteiten, die ertoe dienen dat de leefomgeving niet beschadigd raakt als gevolg van bepaalde activiteiten, zoals bouwplannen. Deze algemene Rijksregels blijven bestaan. Doordat deze regels van kracht blijven, zal het inzichtelijk zijn wat de mogelijkheden zijn met betrekking tot een bepaald initiatief. Als een initiatief in lijn is met deze algemene Rijksregels, dan hoeft de initiatiefnemer geen vergunning aan te vragen voor het plan.
Omgevingsvergunning
Wanneer een initiatief niet in lijn is met de algemene rijksregels, zal er toch een vergunning moeten worden aangevraagd. De verantwoordelijkheid voor het verstrekken van deze vergunningen ligt bij de provincies en gemeentes. Het zal vanaf 2024 dan gaan om een zogeheten “Omgevingsvergunning”. Wanneer je recht hebt op een omgevingsvergunning zal worden beschreven in het “Besluit Activiteit Leefomgeving” (BAL). Bovendien staat in het BAL voor welke milieubelastende activiteiten de rijksregels van toepassing zijn en voor welke er een omgevingsvergunning nodig is. Tegenwoordig is het nog zo dat, wanneer je iets wilt bouwen, je de wettelijke verplichtingen kan terugzoeken in het Activiteitenbesluit Internet Module (AIM) en de aanvraag voor de benodigde vergunningen kan indienen bij het Omgevingsloket Online (OLO). Deze twee worden vanaf 1 januari 2024 samengevoegd tot een grote digitale omgeving: het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Dus alle informatie over de wetgeving evenals de aanvraag van vergunning, gaat strak via het DSO. Specifiek bij de sectie “Omgevingsloket”.
Projectbesluit
Een projectbesluit is alleen nodig bij complexe en ingrijpende bouwprojecten die invloed kunnen hebben op het sociale welzijn in de omgeving. In dit geval moet er dus een aparte schriftelijke beslissing worden gemaakt door de verantwoordelijke gemeente of provincie, voordat het bouwproject kan worden uitgevoerd.