Certificeringen worden vaak ervaren als een opgelegde verplichting, van andere organisaties waarvan je afhankelijk bent. Het wordt dan vanuit klanten en management geëist, waardoor het wordt gezien als “extra werk” en niet als een kans voor professionele of persoonlijke groei. Dat is zonde, want dat creëert een houding van minimale inspanning en daarmee de welbekende zesjescultuur: “We doen wat strikt noodzakelijk is, maar verder niks”. Het gevolg hiervan is dat de waarde van certificering verloren gaat en het proces slechts wordt doorlopen om aan het papierwerk te voldoen, zonder dat er daadwerkelijk iets verandert in de organisatie. Tegelijkertijd neemt dan de motivatie van medewerkers af om er actief mee aan de slag te gaan, wat uiteindelijk een negatieve spiraal creëert van afnemende motivatie en een verminderde effectiviteit van het managementsysteem. En dat is zonde, omdat juist de kracht van certificering ligt in:
- Het benutten van de kansen om de bedrijfsvoering te verbeteren;
- Verantwoordelijkheid te delen;
- Een cultuur van voortdurende verbetering te ontwikkelen.
Wanneer iedereen binnen de organisatie de meerwaarde van certificering gaan inzien, kan het dienen als een instrument voor innovatie en groei. Zo wordt certificering geen last, maar een middel om de organisatie naar een hoger niveau te tillen, waarbij iedereen betrokken is en de kwaliteit van het werk écht verbetert.
Om de negatieve spiraal te doorbreken, is het belangrijk om de mindset te veranderen: weg van het gevoel dat certificering een opgelegde verplichting is, en toe naar het omarmen van de voordelen die het kan bieden. Dit vraagt om een verschuiving van ‘moeten’ naar ‘willen’, waarbij de organisatie certificering niet langer ziet als iets dat simpelweg afgevinkt moet worden, maar als een strategisch middel voor groei en verbetering. Zo ontstaat daadwerkelijk de cultuur van continue verbetering. Dan zijn de normen geen externe eisen meer, maar hulpmiddelen die voor verbetering zorgen op het gebied van bijvoorbeeld kwaliteit, arboveiligheid en duurzaamheid.