Een vraag die vaak naar voren komt is: ‘welke kwaliteitseisen moeten worden gesteld aan een procesaudit?’. Allereerst is het belangrijk dat er objectief en onafhankelijk naar een proces wordt gekeken. Ofwel: kijk naar het proces en niet naar het personeel (het is geen personeelsbeoordeling). De eisen die gesteld worden, zijn opgesteld door de organisatie en de diepgang die de organisatie eraan wil geven. De vier belangrijkste punten om tijdens een procesaudit te bekijken zijn:
- De input van de processtap (grondstoffen, documenten, systemen, etc.)
- De processtap (het gebruiken van de machine voor stap één op de loopband)
- De output van de processtap (Wat komt er uit de activiteit? Dit kan een (half)product, dienst, document of wat anders zijn.)
- De risico’s en beheersmaatregelen die bij de bovenste drie punten horen.
Wanneer bij de procesaudit wordt vastgesteld dat de reeds geïmplementeerde beheersmaatregelen alle huidige risico’s nog dekken, is het zaak om aan te geven wat er is geconstateerd. Door dit op deze wijze vast te leggen, wordt duidelijk onderbouwd dat het proces ‘in control’ is.
Daarnaast is het belangrijk om, zoals hierboven benoemt, de audit objectief uit te voeren. Op het moment van auditen wordt opgeschreven wat men ziet en wat er, volgens de procesbeschrijving, plaats zou moeten vinden (wijkt dit af van de normale gang van zaken?). Verder kan er aangegeven welke punten verbeterd moeten worden (verbeterpunten) en waarom dat het geval is, maar het is niet aan de auditor om te zeggen op welke manier dat moet gebeuren. Uiteraard zijn voorbeelden of ideeën natuurlijk welkom, maar ze mogen niet leidend zijn. Na afloop van de procesaudit kan het opgestelde auditrapport door een proces-, systeem- of afdelingsverantwoordelijke opgepakte worden. Hij/zij kan aan de slag met de geconstateerde verbeterpunten en hier bijvoorbeeld een actielijst voor aanleggen.